2.2bis BVIE De redenen dat sommige tekens geen merk zijn ex art. 2.1 lid 2 BVIE moet worden uitgelegd tegen de achtergrond van het algemene belang dat men geen monopolie kan verkrijgen voor bijvoorbeeld technisch bepaalde waren. De clausule ‘uitsluitend bestaan uit een vorm die door de aard van de waar wordt bepaald’ omvat niet alleen ‘natuurlijke waren’ (waarvoor geen vervanger bestaat), maar is ook van toepassing op een teken dat uitsluitend bestaat uit de vorm van een waar waarbij één of meerdere wezenlijke gebruikskenmerken aanwezig zijn die inherent zijn aan de generieke functie of functies van deze waar en waarnaar de consument mogelijkerwijs in de waren van concurrenten zoekt. De clausule ‘die de wezenlijke waarde aan de waar geeft’ kan ook van toepassing zijn op een teken dat uitsluitend bestaat uit de vorm van een waar met verschillende kenmerken die aan de waar verschillende wezenlijke waarden kunnen geven. De perceptie van de vorm van de waar door het doelpubliek is slechts één van de elementen bij de beoordeling of de betrokken weigeringsgrond van toepassing is. Beide clausules moeten afzonderlijk worden beoordeeld.

KB 296/310/637

IEF 18215